1) Spiegel zonder woorden
De cliënt kijkt zichzelf aan.
Niet praten. Niet uitleggen. Alleen zijn.
En dat is al werk: uit het hoofd blijven, terwijl alles in je systeem “aan” wil.
Wat je ziet: zoeken, ongemak, willen begrijpen.
Wat je vraagt: Waar zit de spanning?
2) Hand op spanning – adem ernaartoe
De cliënt legt een hand op de plek waar het lijf het hardst roept.
(En daar zit meteen de waarheid: rug, schouders, kaak.)
Rug / schouders: dragen, volhouden, verantwoordelijk.
Kaken op slot: niet uitspreken, doorbijten, controle houden.
Je nodigt uit: adem naar die plek toe.
Niet fixen. Niet wegduwen. Alleen ruimte maken.
3) Het paard laat het werk-thema zien
En dan komt het beeld dat alles samenvat:
- Het paard gaat in de hoek staan.
- Tegen het schot: begrensd.
- Kan niet weg.
- En dan: beet naar de buik.
Niet “agressie” als los gedrag maar een spiegel in pure taal:
De buik = jouw centrum. Jouw kiezen. Jouw gevoel. Jouw ‘ik’.
En precies dáár komt druk op.
Alsof het paard zegt:
“Je wilt voelen, maar je zit klem.
Je hoofd houdt je in de hoek.
En je buik… die krijgt het te verduren.”
Hoe mooi en confronterend tegelijk:
het paard beeldt uit wat werk doet als jij jezelf te lang parkeert:
je kunnen, je ruimte, je adem… ingeperkt.
De wending: uit de hoek = vrijheid
Op het moment dat de hoek wordt verlaten, verandert het hele veld:
- er komt ruimte
- er komt vrijheid
- er komt weer beweging
- en dan die ene zin die je zó mooi zegt:
“Zet stap naar voren.”
Niet harder werken.
Maar: uit de klem.
De kernboodschap van deze sessie
Jouw lijf draagt te veel:
- rug en schouders overbelast (dragen, moeten)
- kaken op slot (niet zeggen, niet kiezen, doorzetten)
En het thema werk gaat niet over “drukte”,
maar over jezelf begrenzen in je kunnen.
Slotzin: Kies voor jezelf.
Niet door weg te rennen van werk, maar door met je talenten aan de slag te gaan zónder jezelf in een hoek te zetten.